G5 Recreatieparken en vakantiewoningen

Karakteristiek
In het bosgebied zijn enkele campings en recreatiebungalowparken aangelegd De meeste bouwobjecten in het bosgebied zijn nauwelijks zichtbaar vanaf de openbare weg. Zij liggen verscholen tussen de beplanting en zijn vaak, ook door het reliëf in het terrein, aan de blik onttrokken. De bebouwing op de campings is doorgaans zeer eenvoudig en beperkt in omvang. Recreatiebungalowparken worden gekenmerkt door een repetitie van kleine chalets met eigen tuin, gesitueerd binnen een afgeschermd domein.

Hoofdaspecten:

bebouwing en omgeving

  • De indeling van het perceel en de hoofdopzet van het hoofdgebouw afstemmen op de steden- bouwkundige en landschappelijke karakteristiek van de locatie (hiërarchie, ontsluiting, zichtlijnen en dergelijke).
  • De hoofdbebouwing moet met de voorgevel gericht staan naar de ontsluitingsweg.
  • Vrijstaande bijbehorende bouwwerken dienen een ondergeschikte positie ten opzichte van het hoofdgebouw te hebben.
  • De bestaande rooilijn respecteren.
  • Bij toevoegingen en aanbouwen dient de positie en de oriëntatie van de oorspronkelijke bebouwing richtinggevend te zijn.
  • Bij nieuwbouw rekening houden met het algemene gebiedskarakter en landschapstype.
  • Bestaande doorzichten handhaven.
  • In het vakantiepark dienen de vakantiewoningen met een eigen entree en/of entreegebied georiënteerd te zijn op de wegenstructuur op het terrein.

Deelaspecten:

massa en vorm

  • Bij nieuwbouw dient de hoofdvorm eenduidig te zijn en bij aanpassingen van individuele panden dient de hoofdvorm duidelijk herkenbaar te blijven.
  • Bij nieuwbouw rekening houden met de grootte van het bestaande complex als geheel en de maat van de bestaande gebouwen.
  • Bij de richting van de gebouwen inspelen op de inrichting van het terrein.
  • De bebouwing dient helder en compact van vorm te zijn; een optelling van verschillende volumes en elementen moet worden voorkomen.
  • De vormgeving van het dak afstemmen op de stijl en karakter van het betreffende pand. 

gevelcompositie

  • Bij renovatie en/of vervangende nieuwbouw dient de oorspronkelijke gevelopbouw, ornamentiek gerespecteerd te worden.

Detailaspecten:

kleurgebruik en materiaalgebruik

  • Bij renovatie en/of verbouwing dient het oorspronkelijke materiaal- en kleurgebruik uitgangspunt te zijn.
  • Bij nieuwbouw dienen de gevels in hoofdzaak uit (rode/bruinrode) baksteen en/of hout te bestaan.
  • De daken van de hoofdbebouwing dienen bedekt te zijn met (gebakken) pannen.
  • De hoofdkleurtoon en het overwegende materiaalgebruik afstemmen op de karakteristiek van het landschap, waarbij het gebruik van gedekte kleuren en natuurlijke materialen voorop staan. Hierbij dienen de kleuren van de dakbedekking en de gevels op elkaar afgestemd te zijn.
  • Grote vlakken mogen geen sterke kleurcontrasten tonen.
  • Glas, spiegelende oppervlakken, metaal en kunststof niet toepassen bij beplating van de gevels.

detaillering

  • De detaillering van gevels die zijn gericht naar de openbare ruimte krijgen een hoge mate van aandacht
  • Bij renovatie of verbouw is de specifieke detaillering van dakranden, gevelopeningen, puien, balkonhekken, deurluifels en dergelijke van de oorspronkelijke bebouwing maatgevend.
  • De detaillering bij aanpassing, renovatie of nieuwbouw verkrijgt eenzelfde mate van aandacht en expressie als die van het oorspronkelijke gebouw.

Vormgeving erfafscheidingen

  • Eventuele hekwerken hebben een open structuur, zijn donker geschilderd en opgenomen in de natuurlijke beplanting.


De overige niet gebiedsgebonden criteria staan in hoofdstuk 3.6 van dit document en gaan over:

  • Bijbehorende bouwwerken zoals erker, daktoevoegingen.
  • Daktoevoegingen, dakkapellen, dakopbouwen en dakramen
  • Kozijnen en gevelwijzigingen.
  • Zonwering.
  • Rolluiken.
  • Zonnepanelen en collectoren.
  • Schuilgelegenheden (buiten bouwperceel) in het landelijk gebied.
  • Reclame-uitingen.

afdrukken
Recreatie woning Rheden