Dieren 4 Vogelbuurt (het Nieuwe Bouwen)

De stedenbouwkundige opzet laat een hoge mate van geordendheid zien. Dit komt tot uitdrukking in de ruimtelijke structuur van de wijk, die gekenmerkt wordt door een helder patroon van bebouwingszones, omgeven door veel openbaar groen. De verkeersstructuur en de groenstructuur zijn in onderlinge samenhang ontworpen. Deze structuren verlenen de wijken een open en groen karakter. De bebouwingsvlakken zijn ingevuld met een programma van rijen laagbouwwoningen en middelhoge flatblokjes. Het betrekkelijk sobere bouwprogramma is geordend in een heldere compositie van bebouwingsstroken geplaatst rond open groene hoven. De middelhoge flatgebouwen zijn aan de rand van de hoven geplaatst in een zeer ruime strokenverkaveling. Deze basiscompositie wordt steeds herhaald. Het beeld van de wijk wordt gedragen door een centrale, brede en open groenzone die georiënteerd is op een hoger appartementengebouw van zeven lagen. Aan de rand ligt een winkelstrip met bovenwoningen in twee lagen. Kenmerkend is de continuïteit van de openbare ruimte en de grote aandacht voor de inrichting daarvan. De herhaling in de opzet en de uniformiteit van de uitwerking belemmeren enigszins de oriëntatie binnen de buurt. Ook de inrichting van de groene ruimte wordt gekenmerkt door een hoge mate van ‘rationaliteit’ in opzet. Dit leidt veelal tot een rustig en parkachtig beeld. De laagbouw bestaat uit vrijwel uniforme rijtjes van twee lagen met kap. De traveemaat van de woning wordt Dieren | 122 [Welstandsnota 2016] geaccentueerd door gemetselde schoorstenen. Op veel plaatsen zijn uniforme dakopbouwen aangebracht. Opvallend is de consequente toepassing van puien over de volle breedte van de woningen. De borstweringen op de bovenverdieping zijn oorspronkelijk vervaardigd van keramisch materiaal. In de loop van de jaren zijn deze door de eigenaren met zeer uiteenlopende materialen en kleuren gerenoveerd. De massaopbouw van de flats heeft een traditioneel karakter door de toepassing van hellende daken en schoorstenen. Aan de plasticiteit van de gevels is zorg besteed. De gevels aan de entreezijde en de kopgevels zijn gemetseld en hebben een gesloten karakter. Aan de woonzijde heeft de architectuur een open karakter verkregen door de toepassing van puien. Hier maakt de draagconstructie deel uit van de architectuur. Opvallend is de consequente toepassing van de donkerrode kleur in de puien van de flats. Het appartementengebouw in de centrale as wordt gekenmerkt door een meer eigentijdse baksteenarchitectuur. De gevels zijn symmetrisch opgezet en worden beëindigd met een teruggelegde dakverdieping. De open balkons op de hoeken maken de bouwmassa slanker en dragen bij aan de verticale gerichtheid van het gebouw.

Uitgangspunten welstandsbeleid

De woonkwaliteit van de Vogelwijk berust in belangrijke mate op de herhaling van bebouwingsmotieven en een zeer royale maatvoering van de groene ruimte. Het welstandsbeleid richt zich op het handhaven van de heldere en zeer open stedenbouw kundige opzet van de wijk en het rustige beeld van de architectuur.
Daarbij wordt gelet op de consequente uitwerking van het verkavelingconcept, op de eenvoud van de inrichting van de openbare ruimte, op de helderheid van de bouwmassa’s en op de zorgvuldige kleur- en materiaalafstemming tussen de gebouwen onderling.

afdrukken
Vogelbuurt